Dakisolatiepremie 2026— tot € 5.750 via Mijn VerbouwPremie

Bereken jouw premie →

Premies overzicht · Tienen · 2026

Premies voor dakwerken in Tienen in 2026 — overzicht en voorwaarden

Door Redactie Dakmeter · Laatst geverifieerd op 27/9/2026

Dakisolatiepremie · Tienen

€ 5.750

maximum in categorie 4, Rd ≥ 4,5

Categorie 4 · 50%€ 5.750
Categorie 3 · 35%€ 4.025
Categorie 1 & 2geen premie
€ 5.750

max dakisolatie Cat 4 (50%)

Bron: Mijn VerbouwPremie, opgehaald op 2 november 2026

20%

EPC-label E of F in Tienen (2025)

Bron: Gemeente-Stadsmonitor, opgehaald op 2 november 2026

45%

gebouwen van vóór 1945

Bron: Statbel, opgehaald op 2 november 2026

Cat 3 & 4

enkel sinds 1 maart 2026

Bron: Mijn VerbouwPremie, opgehaald op 2 november 2026

De dakisolatiepremie per inkomenscategorie

Dakisolatiepremie — bedragen 2026

Voor dakwerken is er in 2026 één premie: dakisolatie, met Rd ≥ 4,5 m²K/W. Sinds 1 maart 2026 krijgen enkel inkomenscategorie 3 en 4 ze nog. Andere dakrenovatiewerken (pannen, onderdak, plat dak) tellen enkel mee wanneer je gelijktijdig nieuwe isolatie plaatst — er is geen aparte dakvernieuwings- of dakherstelpremie.

Dakisolatiepremie in Tienen in 2026 per inkomenscategorie
InkomenscategoriePremiepercentageMaximum bedragVoorwaarde
Categorie 4 (hoogste tegemoetkoming)50%€ 5.750Rd ≥ 4,5 m²K/W
Categorie 335%€ 4.025Rd ≥ 4,5 m²K/W
Categorie 1 & 2—geen premievervallen sinds 1 maart 2026

Voor woningen ouder dan 10 jaar geldt bovendien 6% btw. Bron: Mijn VerbouwPremie 2026 (Bron: Mijn VerbouwPremie, opgehaald op 2 november 2026).

Welke premie bestaat er voor dakwerken in Tienen in 2026?

Wie voor het eerst naar dakpremies kijkt, onthoudt best één ding: er is één regeling met één technische kern — nieuwe dakisolatie met Rd ≥ 4,5 m²K/W. Al het dakwerk daarrond kan meetellen, maar alleen als die isolatie erin zit. Je inkomenscategorie wordt één keer bepaald, op basis van het gezamenlijk belastbaar inkomen, en beslist of je 50% (categorie 4) of 35% (categorie 3) van de factuur terugkrijgt; categorie 1 en 2 vallen sinds maart 2026 buiten de regeling.

Maakt het uit of je in een burgerhuis aan de Grote Markt woont, in een rijhuis in de stationsbuurt, in een verkavelingswoning in Kumtich of op een hoeve in Hakendover? Voor Mijn VerbouwPremie niet. Het is een Vlaamse regeling: een eigenaar in Tienen krijgt dezelfde premie onder dezelfde voorwaarden als iemand in Leuven of elders in Vlaanderen. Omgekeerd gelden Waalse premies hier niet — ook niet voor wie net over de taalgrens uit Waals-Brabant verhuist. Wat telt, zijn je inkomen, de ouderdom van de woning en de isolatiewaarde die je haalt. Wat wél kan verschillen, is wat je aan je dak mag doen: staat je woning in de inventaris van het bouwkundig erfgoed of is ze beschermd — in de Tiense binnenstad geen uitzondering — dan gelden er extra regels, en voor een beschermd monument bestaat via Onroerend Erfgoed een aparte erfgoedpremie met een eigen procedure (Bron: https://www.onroerenderfgoed.be).

We onderscheiden vier typische trajecten. Traject A — enkel isoleren, op een dak dat verder in orde is. Bij een verkavelingswoning met zolderkamers betekent dat oude glaswol eruit, isolatie doorgetrokken tot achter de knieschotten, een luchtdicht dampscherm en een afgesloten dakvoet; bij een rijhuis met een zolder die als berging dient zoldervloerisolatie. Traject B — volledige renovatie met dakbedekking, onderdak en isolatie: de renovatiewerken tellen mee omdat er gelijktijdig geïsoleerd wordt. Dat is het klassieke traject voor de oude rij- en burgerhuizen — in Tienen dateert 45% van de gebouwen van vóór 1945 — en voor verkavelingsdaken waarvan de eerste betonpannen en het onderdak op zijn. Traject C — renovatie + isolatie + asbestverwijdering: bovenop de premie komt het asbestsupplement van €8/m² (categorie 3 en 4), relevant bij kunstleien of onderdakplaten in asbestcement op de woningen uit de jaren '60 tot '90. Traject D gaat over het platte dak — van een verwarmde aanbouw achter een rijhuis, een garage die leefruimte werd, of een van de appartementsgebouwen in en rond het centrum, waar de syndicus het dossier trekt.

Wat kun je combineren in één werf?

Administratief is de opbouw van de factuur doorslaggevend. Een gecombineerd dossier gaat alleen vlot door als elke ingreep als aparte post vermeld staat, met eigen oppervlakte of eenheid en eigen bedrag, en met de Rd-waarde van de isolatie zwart op wit. Een factuur met enkel "dakwerken volledig €40.000" zonder aparte isolatiepost riskeert een weigering.

Onze vaste dakwerker levert standaard een premieconforme factuur met gesplitste posten. Werk je met een andere aannemer, vraag dit dan uitdrukkelijk bij de offerte — na de werf is het soms te laat.

Een combinatie die bij de hoeves in de deelgemeenten vaak ter sprake komt: woonhuis en bijgebouwen in één werf. Het woonhuis komt in aanmerking voor de premie, net als een schuur of stal die tot verwarmde woonruimte werd verbouwd. Een schuur, stal, loods, garage of berging die niet verwarmd wordt, telt niet mee — ook niet als er asbesthoudende golfplaten op liggen: het asbestsupplement geldt alleen voor het dak dat je isoleert. Je kan die sanering wel in dezelfde werf laten uitvoeren, met een aparte post op de factuur. Kleine hoeveelheden hechtgebonden asbest van bijgebouwen kan je als particulier via het recyclagepark kwijt; informeer bij je afvalintercommunale naar de voorwaarden.

Een tweede combinatie: het hoofddak en de aanbouw samen isoleren. Achter veel rijhuizen en burgerhuizen in de stad staat een keuken, badkamer of leefruimte onder een plat dak. Zolang die ruimtes verwarmd worden, zitten ze in het beschermd volume en tellen ze mee.

Een derde kans ligt bij goten, lood en schouwen. Bij een oud stadshuis is een renovatie hét moment om de bakgoot opnieuw te bekleden, het lood langs de buurmuren en rond de schouwen te vernieuwen en ongebruikte schouwen af te breken; bij een verkavelingswoning om het rotte houten boeiboord te vervangen door een onderhoudsarme, stevig verankerde dakrand. De goot hoort niet in het premiedossier, maar steiger en werfinrichting delen scheelt fors. Liggen er zonnepanelen op het dak, laat ze dan meteen demonteren en terugplaatsen — of plan de nieuwe installatie na de dakwerf; de panelen zelf horen niet in het dakisolatiedossier.

Wat níet in het premiedossier hoort, ook al gebeurt het in dezelfde werf: ontmossen en dakreiniging, een dakcoating, het afbreken van een ongebruikte schouw op zich, nieuwe dakvensters of zonnepanelen. Allemaal zinvol, maar ze horen apart op de factuur.

Hoe groot is de renovatienood in Tienen?

De renovatienood heeft drie lagen. De oudste — 45% van de gebouwen, van vóór 1945 — zijn de burger- en herenhuizen rond de markten en langs de lanen, de 19de-eeuwse rij- en arbeiderswoningen uit de tijd dat suikerindustrie en spoorweg de stad deden groeien, en de oude woningen en hoeves in de dorpskernen van de deelgemeenten: zadeldaken en mansardes vaak zonder onderdak, zinken bakgoten achter een kroonlijst, en geen isolatie. De tweede laag zijn de naoorlogse woningen tot 1970 — het verschil tussen 45% en 69% — met een onderdak dat, als het er al is, na zestig jaar op is. De derde laag zijn de halfopen en vrijstaande woningen van 1970 tot 2000 — het verschil tussen 69% en 91% — uit de jaren waarin de verkavelingen in de deelgemeenten ontstonden. Die hebben wat isolatie, maar ver onder de huidige eis, en op veel daken liggen nog de oorspronkelijke betonpannen of kunstleien.

Dakisolatie heeft daarbij de laagste drempel van alle renovatie-ingrepen (het dak blijft liggen), de kortste doorlooptijd (2-4 werkdagen voor de meeste woningen, zoldervloerisolatie vaak op één dag) en een directe energiebesparing. Dakrenovatie is een grotere investering (€265-€365/m², voor 100 m² dak zo'n €26.500-€36.500, voor een rijhuis met 70 m² dak €18.550-€25.550) met een langere doorlooptijd. Wie renoveert, doet dat meestal pas als het moet — maar neemt dan best de isolatie mee: alleen dan tellen de renovatiewerken mee, en het dak ligt toch open.

Daarnaast is er een laag die weinig werk vraagt: 9% van de gebouwen is van na 2000 (Bron: https://statbel.fgov.be/nl/themas/bouwen-wonen/gebouwenpark) — recentere verkavelingen, inbreidingen en een deel van de appartementsgebouwen. Die zijn bij de bouw al redelijk geïsoleerd en hebben voorlopig vooral onderhoud nodig.

Tabel: Het gebouwenpark en energieprofiel van Tienen — overzicht

IndicatorWaardeBron
Woongelegenheden17.116Statbel (2025)
Woningen gebouwd vóór 194545%Statbel
Woningen gebouwd vóór 197069%Statbel
Woningen gebouwd vóór 200091%Statbel
Woningen gebouwd na 20009%Statbel
Open bebouwing20%Statbel
Rijwoningen37%Statbel
Appartementen27%Statbel
EPC's afgeleverd in 2025790VEKA via Gemeente-Stadsmonitor
Aandeel label E of F daarvan20%VEKA via Gemeente-Stadsmonitor

Bronnen: https://statbel.fgov.be/nl/themas/bouwen-wonen/gebouwenpark, VEKA via Gemeente-Stadsmonitor.

Welk traject past bij welke woning?

Een klassieke vergissing: eerst beslissen dat je de premie wilt, en er dan een werf bij zoeken. Zo ontstaan werven die niet passen bij de werkelijke staat van het dak. Een typische variant: de zolder van een oud rijhuis wordt van binnenuit mooi geïsoleerd en afgewerkt, terwijl de pannen erboven zonder onderdak op versleten latten liggen en de bakgoot lekt. Wanneer het dak een paar jaar later toch open moet, moet de nieuwe afwerking deels weer weg. Beter: eerst een eerlijke dakinspectie, dan beslissen welke ingrepen echt nodig zijn, en pas daarna de premie aanvragen.

Voor eigenaars van een rijhuis — in Tienen 37% van de woongelegenheden — komt er nog een stap vooraan: praten met de buren. Wie in dezelfde periode renoveert, deelt steiger en werfinrichting, en de aansluiting over de gemeenschappelijke muur wordt in één keer goed gemaakt. Elke eigenaar dient wel zijn eigen premiedossier in.

Voor eigenaars van een hoeve is de vraag vaak welk deel je aanpakt. Het woonhuis komt in aanmerking voor de premie; een schuur of stal die niet verwarmd wordt, niet. Wie een deel van de bijgebouwen tot woonruimte verbouwt, plant de isolatie best mee in dat project.

Voor verhuurders — in een centrumstad met veel rijhuizen en appartementen een grote groep — is er een extra overweging: wie via een woonmaatschappij verhuurt, valt voor de dakisolatiepremie in categorie 4, ongeacht het eigen inkomen. Een geïsoleerd dak verbetert bovendien het EPC-label van de huurwoning, en voor verhuurde woningen gelden in Vlaanderen ook minimale eisen inzake dakisolatie binnen de woningkwaliteitsnormen.

Voor appartementseigenaars — in Tienen 27% van de woongelegenheden — is de volgorde anders: jij beslist niet alleen. Vraag de syndicus om een diagnose van het platte dak en een offerte met varianten, zodat de algemene vergadering kan kiezen. De premie voor gemeenschappelijke delen volgt eigen spelregels; die checkt de syndicus best vooraf op vlaanderen.be.

Onze vaste dakwerker doet de dakinspectie gratis bij een offerteaanvraag, in heel Vlaams-Brabant met focus op Tienen en omgeving. Wil je eerst zelf de markt verkennen? Onze vergelijkende gids van dakwerkers in Tienen toont welke bedrijven in Tienen geregistreerd zijn — geen rangschikking, enkel verifieerbare KBO-data.

Hoe verloopt de aanvraag stap voor stap?

In de praktijk zien we drie administratieve valkuilen. Eén: geen Rd-waarde op de factuur. Voor de dakisolatiepremie moet Rd ≥ 4,5 m²K/W er expliciet op staan, met materiaal en dikte; "dakisolatie 90 m²" alleen volstaat niet. Twee: ontbrekende foto's vóór en na — zeker bij isolatie langs binnen, waar na afloop alles achter knieschotten en gipsplaten verdwijnt, tonen foto's wat er precies geplaatst is. Drie: een dossier met enkel herstelwerk en geen nieuwe isolatie — dat wordt teruggestuurd, want zonder isolatie is er geen dakpremie.

Een veelgestelde vraag: moet je het asbestsupplement apart aanvragen? Nee — het zit als supplement van €8/m² in hetzelfde dossier, op voorwaarde dat de asbestverwijdering samen met de dakisolatie gebeurt én je in categorie 3 of 4 valt. De vroegere Fluvius-asbestpremie bestaat sinds eind 2025 niet meer; wie oude offertes of artikels raadpleegt, vindt verouderde bedragen.

Een praktisch detail: Tienen heeft één postcode, 3300, voor de stad en alle acht deelgemeenten. Gebruik in Mijn VerbouwLoket en op je factuur het volledige, officiële adres — straat, huisnummer, postcode en gemeente — zoals het vandaag in het rijksregister staat, zeker bij een appartement of een woning boven een handelszaak met busnummer, zodat adres en kadastrale gegevens vlot op elkaar aansluiten.

Voor alle details — inkomensgrenzen, technische bijlagen, voorbeelden per werf — verwijzen we naar:

Wil je eerst je netto kost kennen? De calculator berekent in enkele seconden je verwachte premie op basis van dienst, gemeente, oppervlakte en inkomenscategorie.

Lokale premies · Tienen

Alle lokale dakpremies in Tienen

Bovenop de Vlaamse premies. Opgezocht in de Premiezoeker van de Vlaamse overheid; elke premie toont wanneer de verstrekker ze laatst controleerde.

  • Fluvius

    Premie voor een gescheiden afvoersysteem

    Vast bedrag van € 500 voor het scheiden van hemelwater en afvalwater (afkoppelen), op eigen initiatief of bij een rioleringsproject vanaf 2023. Enkel voor bestaande particuliere woningen.

    Gecontroleerd november 2023 · check of ze nog looptOfficiële info →
  • Fluvius

    Premie voor een infiltratievoorziening

    € 250 voor een infiltratievoorziening als minstens 50% van de horizontale dakoppervlakte is aangesloten. Nooit meer dan de helft van de bewezen kosten; geen nieuwbouw na 31 januari 2005.

    Gecontroleerd juli 2022 · check of ze nog looptOfficiële info →

Klaar om je premie aan te vragen

We begeleiden de aanvraag mee voor dakwerken in Tienen

Geen vijf bedrijven die je tegelijk bellen — één offerte, één begeleider, premiebevoegde factuur inbegrepen.

Bronnen

Deze pagina is samengesteld op basis van de volgende bronnen:

  1. 1

    Mijn VerbouwPremie— Mijn VerbouwPremie — Vlaanderen

    Centrale aanvraagomgeving voor de Vlaamse verbouwpremies. Bron voor premiebedragen, inkomenscategorieën en aanvraagvoorwaarden.

    Laatst geraadpleegd: 2 november 2026

  2. 2

    Gemeente-Stadsmonitor— Gemeente-Stadsmonitor — Agentschap Binnenlands Bestuur

    Officiële Vlaamse gemeentemonitor. Bron voor de EPC-labelverdeling per gemeente (onderliggende data: VEKA), jaarlijks geactualiseerd.

    Laatst geraadpleegd: 2 november 2026

  3. 3

    Statbel— Statbel — Algemene Directie Statistiek

    Belgisch federaal statistiekbureau. Bron voor demografische data, fiscale inkomensstatistieken, woningstock en bouwactiviteit per gemeente.

    Laatst geraadpleegd: 2 november 2026

  4. 4

    Premiezoeker— Premiezoeker — Vlaamse overheid

    Officiële Vlaamse zoekmachine voor premies, toelagen en leningen van Vlaanderen, provincies, gemeenten en netbeheerder Fluvius. Bron voor de lokale dakpremies per gemeente.

    Laatst geraadpleegd: 2 november 2026