Welke premie bestaat er voor dakwerken in Sint-Martens-Latem in 2026?
Wie voor het eerst naar dakpremies kijkt, onthoudt best één ding: er is één regeling met één technische kern — nieuwe dakisolatie met Rd ≥ 4,5 m²K/W. Al het dakwerk daarrond kan meetellen, maar alleen als die isolatie erin zit. Je inkomenscategorie wordt één keer bepaald, op basis van het gezamenlijk belastbaar inkomen, en beslist of je 50% (categorie 4) of 35% (categorie 3) van de factuur terugkrijgt; categorie 1 en 2 vallen sinds maart 2026 buiten de regeling.
Dat laatste weegt in Sint-Martens-Latem zwaarder dan in de meeste gemeenten. Latem geldt als een van de welvarendste gemeenten van het land, en een deel van de eigenaars valt daardoor in categorie 1 of 2. Voor hen is deze pagina vooral een waarschuwing om niet op een premie te rekenen — en een aansporing om toch te isoleren, want bij een groot villadak blijft dat de dakingreep met de snelste terugverdientijd. Wie wél in categorie 3 of 4 valt — gepensioneerde eigenaars met een bescheiden pensioen, jongere gezinnen die een oudere woning kopen, verhuurders via een woonmaatschappij — haalt er met een goed opgebouwd dossier het maximum uit.
Maakt het uit waar in de gemeente je woont — in Latem of in Deurle, in de dorpskern, langs de Leie of in een villawijk tussen de bomen? Voor Mijn VerbouwPremie niet. Het is een Vlaamse regeling: een eigenaar in Sint-Martens-Latem krijgt dezelfde premie onder dezelfde voorwaarden als iemand in Gent of Deinze. Wat telt, zijn je inkomen, de ouderdom van de woning en de isolatiewaarde die je haalt. Wat wél kan verschillen, is wat je aan je dak mag doen: bij een beschermd monument of een pand in de erfgoedinventaris kunnen erfgoedregels gelden, en voor een beschermd monument bestaat via Onroerend Erfgoed een aparte erfgoedpremie met een eigen procedure (Bron: https://www.onroerenderfgoed.be).
In Sint-Martens-Latem onderscheiden we vier typische trajecten, die aansluiten bij het gebouwenpark van de gemeente. Traject A — enkel isoleren, op een dak dat verder in orde is. Bij een villa met ingerichte zolder betekent dat vaak: lambrisering of gipsplaten eraf, oude glaswol eruit, nieuw pakket met luchtdicht dampscherm; bij een woning met een bergzolder, zoldervloerisolatie. Traject B — volledige renovatie met nieuwe dakbedekking, onderdak en isolatie: de renovatiewerken tellen mee omdat er gelijktijdig geïsoleerd wordt. Dat is het klassieke traject voor villa's en landhuizen uit de jaren '60 tot '80 waarvan de eerste dakbedekking, het onderdak en het zinkwerk op zijn — en ook voor een rieten dak dat vernieuwd wordt, als de isolatie meegaat. Traject C — renovatie + isolatie + asbestverwijdering: bovenop de premie komt het asbestsupplement van €8/m² (categorie 3 en 4), relevant bij kunstleien of onderdakplaten in asbestcement. Traject D gaat over het platte dak — van een moderne villa, een verwarmde uitbouw of omgebouwde garage, of van een appartementsgebouw, waar de syndicus het dossier trekt.
Traject A en B verdienen in Sint-Martens-Latem extra aandacht. Met 72% open bebouwing (Bron: https://statbel.fgov.be/nl/themas/bouwen-wonen/gebouwenpark) hebben de meeste woningen een groot dak — en bij een groot dak komt het premieplafond snel in zicht. Wie in categorie 3 of 4 valt, haalt er het maximum uit door alle dakvlakken boven het beschermd volume in één dossier te isoleren. Daarnaast is 9% van de woongelegenheden een appartement; voor die eigenaars verloopt de beslissing via de algemene vergadering van de VME, en de premie voor gemeenschappelijke delen volgt eigen spelregels.
Wat kun je combineren in één werf?
Administratief is de opbouw van de factuur doorslaggevend. Een gecombineerd dossier gaat alleen vlot door als elke ingreep als aparte post vermeld staat, met eigen oppervlakte of eenheid en eigen bedrag, en met de Rd-waarde van de isolatie zwart op wit. Een factuur met enkel "dakwerken volledig €55.000" zonder aparte isolatiepost riskeert een weigering. Bij een werf waar een rietdekker en een dakwerker samenwerken, geldt dat dubbel: zorg dat de isolatiepost op één factuur duidelijk terug te vinden is.
Onze vaste dakwerker levert standaard een premieconforme factuur met gesplitste posten. Werk je met een andere aannemer, vraag dit dan uitdrukkelijk bij de offerte — na de werf is het soms te laat.
Een combinatie die in Sint-Martens-Latem vaak blijft liggen: het hoofddak en de uitbouw samen aanpakken. Veel villa's kregen in de loop der jaren een leefruimte, keuken of tuinkamer onder een plat dak, of een garage die tot bureau of fitnessruimte werd omgebouwd. Zolang die ruimtes verwarmd worden, zitten ze in het beschermd volume en tellen ze mee voor de dakisolatiepremie. Een garage, carport, poolhouse of tuinberging die niet verwarmd wordt, telt niet mee, ook niet als er asbesthoudende golfplaten op liggen: het asbestsupplement geldt alleen voor het dak dat je isoleert.
Een tweede kans ligt bij goten, kilgoten en dakranden. Bij een renovatie is dit het moment om het zinkwerk van kilgoten en dakkapellen te vernieuwen, een houten boeiboord te vervangen en — onder bomen — meteen gootbescherming te plaatsen. De goot hoort niet in het premiedossier, maar steiger en werfinrichting delen scheelt fors. En liggen er zonnepanelen op het dak, laat ze dan in dezelfde werf demonteren en terugplaatsen; de panelen zelf horen niet in het dakisolatiedossier.
Wat níet in het premiedossier hoort, ook al gebeurt het in dezelfde werf: ontmossen en dakreiniging, een dakcoating, snoeiwerk, het vernieuwen van riet op zich, het afbreken van een ongebruikte schouw, nieuwe dakvensters of zonnepanelen. Allemaal zinvol, maar ze horen apart op de factuur.
Hoe groot is de renovatienood in Sint-Martens-Latem?
De renovatienood in Sint-Martens-Latem heeft drie lagen. De oudste laag — 18% van de gebouwen, van vóór 1945 — zijn de dorpswoningen rond de kerken van Latem en Deurle, oudere landhuizen en hoeves. Steile daken, vaak zonder onderdak, en een zolder die nooit geïsoleerd werd. De tweede laag is de naoorlogse bouwgolf tot 1970 — het verschil tussen 18% en 44%: de eerste generatie villa's en landhuizen in het groen, waarvan de dakbedekking, het onderdak en het zinkwerk nu aan vervanging toe zijn. De derde laag zijn de woningen uit 1970-2000 — het verschil tussen 44% en 84% — hier een grote groep: cottagevilla's, bungalows en landhuizen met complexe daken. Die hebben wat isolatie, maar ver onder de huidige eis, en een dak met veel details.
Dakisolatie heeft daarbij de laagste drempel van alle renovatie-ingrepen (het dak blijft liggen), de kortste doorlooptijd (2-4 werkdagen voor de meeste woningen, zoldervloerisolatie vaak op één dag) en een directe energiebesparing. Dakrenovatie is een grotere investering (€245-€335/m², voor een vrijstaande woning met 130 m² dak zo'n €31.850-€43.550, voor een grote villa met 180 m² dak €44.100-€60.300) met een langere doorlooptijd. Wie renoveert, doet dat meestal pas als het moet — maar neemt dan best de isolatie mee: alleen dan tellen de renovatiewerken mee, en het dak ligt toch open.
Daarnaast is er een laag die weinig werk vraagt: 16% van de gebouwen is van na 2000 (Bron: https://statbel.fgov.be/nl/themas/bouwen-wonen/gebouwenpark) — vervangingsbouw, moderne villa's en appartementen. Die zijn bij de bouw al redelijk geïsoleerd en hebben voorlopig vooral onderhoud nodig.
Tabel: Het gebouwenpark en energieprofiel van Sint-Martens-Latem — overzicht
| Indicator | Waarde | Bron |
|---|---|---|
| Woongelegenheden | 3.824 | Statbel (2025) |
| Woningen gebouwd vóór 1945 | 18% | Statbel |
| Woningen gebouwd vóór 1970 | 44% | Statbel |
| Woningen gebouwd vóór 2000 | 84% | Statbel |
| Woningen gebouwd na 2000 | 16% | Statbel |
| Open bebouwing | 72% | Statbel |
| Rijwoningen | 3% | Statbel |
| Appartementen | 9% | Statbel |
| EPC's afgeleverd in 2025 | 176 | VEKA via Gemeente-Stadsmonitor |
| Aandeel label E of F daarvan | 31% | VEKA via Gemeente-Stadsmonitor |
Bronnen: https://statbel.fgov.be/nl/themas/bouwen-wonen/gebouwenpark, VEKA via Gemeente-Stadsmonitor.
Welk traject past bij welke woning?
Een klassieke vergissing: eerst beslissen dat je de premie wilt, en er dan een werf bij zoeken. Zo ontstaan werven die niet passen bij de werkelijke staat van het dak. In Sint-Martens-Latem zien we daar een typische variant van: na de aankoop van een villa uit de jaren '70 wordt de zolder van binnenuit opnieuw geïsoleerd en luxueus afgewerkt, terwijl het onderdak al verkruimelt en de kilgoten doorroesten. Wanneer het dak een paar jaar later toch open moet, gaat de nieuwe afwerking deels weer weg — en isoleren van buitenaf was dan de betere keuze geweest. Beter: eerst een eerlijke dakinspectie, dan beslissen welke ingrepen echt nodig zijn, en pas daarna de premie aanvragen.
Voor eigenaars van een beschermd pand of een pand in de erfgoedinventaris komt er nog een stap vooraan: nagaan wat je aan het dak mag veranderen. Dat bepaalt of je langs binnen of langs buiten isoleert, welk materiaal op het dak komt, en of er een toelating nodig is. Voor een rieten dak hoort de rietdekker bij die eerste inspectie.
Voor appartementseigenaars is de volgorde anders: jij beslist niet alleen. Vraag de syndicus om een diagnose van het platte dak en een offerte met varianten, zodat de algemene vergadering kan kiezen. De premie voor gemeenschappelijke delen volgt eigen spelregels; die checkt de syndicus best vooraf op vlaanderen.be.
Onze vaste dakwerker doet de dakinspectie gratis bij een offerteaanvraag, in heel Oost-Vlaanderen met focus op Sint-Martens-Latem en omgeving. Wil je eerst zelf de markt verkennen? Onze vergelijkende gids van dakwerkers in Sint-Martens-Latem toont welke bedrijven in Sint-Martens-Latem geregistreerd zijn — geen rangschikking, enkel verifieerbare KBO-data.
Hoe verloopt de aanvraag stap voor stap?
In de praktijk zien we drie administratieve valkuilen. Eén: geen Rd-waarde op de factuur. Voor de dakisolatiepremie moet Rd ≥ 4,5 m²K/W er expliciet op staan, met materiaal en dikte; "dakisolatie 180 m²" alleen volstaat niet. Twee: ontbrekende foto's vóór en na — zeker bij isolatie langs binnen, waar na afloop alles achter een afwerking verdwijnt, tonen foto's wat er precies geplaatst is. Drie: een dossier met enkel herstelwerk en geen nieuwe isolatie — dat wordt teruggestuurd, want zonder isolatie is er geen dakpremie.
Een veelgestelde vraag: moet je het asbestsupplement apart aanvragen? Nee — het zit als supplement van €8/m² in hetzelfde dossier, op voorwaarde dat de asbestverwijdering samen met de dakisolatie gebeurt én je in categorie 3 of 4 valt. De vroegere Fluvius-asbestpremie bestaat sinds eind 2025 niet meer; wie oude offertes of artikels raadpleegt, vindt verouderde bedragen.
Een praktisch detail: de gemeente heeft twee postcodes — 9830 voor Sint-Martens-Latem en 9831 voor Deurle. Gebruik in Mijn VerbouwLoket en op je factuur daarom het volledige, officiële adres zoals het in het rijksregister staat, met de juiste postcode, straat, huisnummer en bij een appartement het busnummer.
Voor alle details — inkomensgrenzen, technische bijlagen, voorbeelden per werf — verwijzen we naar:
- Premie dakisolatie Sint-Martens-Latem 2026 — tot €5.750 in categorie 4, met asbestsupplement
- Premie dakrenovatie Sint-Martens-Latem 2026 — hoe renovatiewerken meetellen bij gelijktijdige isolatie
- Premie dakherstel Sint-Martens-Latem 2026 — wanneer herstel wel en niet in het dossier past
Wil je eerst je netto kost kennen? De calculator berekent in enkele seconden je verwachte premie op basis van dienst, gemeente, oppervlakte en inkomenscategorie.
